• Stuurvaardigheid en evenwicht oefenen op een loopfiets

Minimumdoelen

7.1.3 De kleuters kunnen in bewegingscontexten de KLUSCE-componenten kracht, lenigheid, uithouding, snelheid, coördinatie en evenwicht inzetten. 

7.1.7 De kleuters kunnen in bewegingscontexten eenvoudige bewegingen afstemmen op de ruimte (positie, afstand, richting, bewegingsbaan). 

ZILL-DOELEN

MZrt2

De eigen bewegingen aanpassen aan statische en dynamische objecten door af te remmen, te stoppen, te vertragen, te versnellen en/of door van richting te veranderen, al dan niet met een voorwerp.

MZrt3

Afstanden, bewegingsrichtingen en -banen juist inschatten en de meest efficiënte kiezen.

MZlb6

De voorkeurslichaamszijde, -bewegingsrichting en bewegingsrotatie aanvoelen en deze efficiënt gebruiken.

GO!-DOELEN

3.5.9.1 

Met een loopfiets fietsen, sturen en remmen.

6.2.1.6

Via bewegingsopdrachten hun snelheid ontwikkelen.

6.2.3.18

Bewegen in een aangegeven richting (bijv. voorwaarts, schuin …).

OVSG-DOELEN

IDW ver1 - B.15 Voldoende fietsbehendigheid (reactiesnelheid, evenwichtsbehoud en gevoel voor coördinatie) tonen om zich zelfstandig en veilig langs een vertrouwde route te verplaatsen.

Terug naar boven